Honorary members

Prof. dr. E.J. Ariëns (1918-2002)

Prof. dr. D de Wied (1925-2004)

Prof. dr. P.A. van Zwieten (1937 -2014)

Prof. dr. H. Timmerman

Prof. dr. F. Nijkamp

 

 

 

In Memoriam

Professor dr. Pieter Adriaan van Zwieten (1937-2014)

Pieter van Zwieten werd in 1971 hoogleraar farmacologie en farmacotherapie aan de subfaculteit Farmacie van de Universiteit van Amsterdam  aan de Plantage Muidergracht. Hij was een gedreven onderzoeker op cardiovasculair gebied en richtte ook het onderwijs in vanuit de experimentele farmacologie, inclusief practica.

Het meest spectaculaire preparaat hierbij was de “bloeddrukkat”, waarbij hij de studenten een groot scala aan farmacologische interventies in vivo liet beleven. De ‘topjaren’ van de wetenschappelijke productie van de groep lagen in de beginjaren 80 van de vorige eeuw. Van Zwieten was een inspirerende, maar veeleisende persoon en de staf die hij om zich heen had verzameld had ook dito eigenschappen. Dit leverde een kritische massa, waarin competitie en competentie samen met goede faciliteiten, hardwerkende promovendi en studenten en de beschikbaarheid  van experimentele stoffen uit de industrie, een goede basis bleken te zijn voor het ontrafelen van cardiovasculaire regelsystemen en van de karakterisatie van werkingsmechanismen van nieuwe stoffen uit de pijplijn van de industrie.

In deze context moeten genoemd worden de vertebralis kat als model voor onderzoek naar centrale werking, het model van de gepende rat ter karakterisering van perifere cardiovasculaire effecten, het onderscheid tussen  alpha-1 en alpha-2 receptoren, de invloed van calcium instroom op de vasoconstrictie door alpha-1 en alpha-2 receptor agonisten, het onderzoek naar de rol van ACE en angiotensine receptoren, maar ook de 5-HT1A receptoren  bij de bloeddrukregulatie.  

In die tijd kwam je als startend promovendus in een groep met oudere promovendi en een technische en wetenschappelijke staf die z’n sporen al ruim verdiend had. Het was een competitieve omgeving , waar je door hard werken,  veel literatuur lezen  en voorzichtig mee proberen te doen in de debatten die gevoerd werden aan de koffietafel, je wetenschappelijke vorming kreeg.

 Na sluiting van de subfaculteit Farmacie als gevolg van een politieke beslissing in Den Haag voor uitruil van de Tandheelkunde en Farmacie  opleidingen aan de Nederlandse universiteiten (de “Taakverdelingsoperatie” ), verliet  een deel van de onderzoeksstaf de Universiteit van Amsterdam. Van Zwieten werd benoemd als hoogleraar farmacologie en farmacotherapie aan de Medische faculteit van de Universiteit van Amsterdam en trok met een deel van zijn staf naar het AMC. Dit bracht een minder homogene onderzoeksgroep met veranderde onderzoeksaccenten en meer promovendi vanuit de klinische vakgebieden. Van Zwieten heeft in zijn tijd als hoogleraar in Amsterdam in kwantiteit en kwaliteit een grote bijdrage aan de output van de Nederlandse farmacologie in het internationale veld en de vele promovendi (>75) die hij afleverde hebben dankzij de gedegen wetenschappelijke basis en de reputatie die Van Zwieten internationaal had opgebouwd hun carrière kunnen starten.

Van Zwieten spande zich er persoonlijk voor in om zijn promovendi aan te bevelen voor een baan en was ook benieuwd hoe het zijn promovendi verging in hun latere carrière. Veel promovendi van hem hebben nog geregeld contact met elkaar. Van Zwieten had geen gezin en kinderen; hij leefde voor de wetenschap. Voor veel van zijn promovendi zijn zijn voorletters P.A., toch iets van vaderschap, wetenschappelijk vaderschap!

Cees Korstanje, Bob Wilffert, Hans Knape en Erik Boddeke (oud-promovendi)  

 

 


 

Prof. van Zwieten was opponent bij mijn promotie in Nijmegen in 1974 en sinds mijn benoeming tot hoogleraar farmacologie in Leiden in 1975 hebben wij in de eerste jaren ook een goed contact onderhouden. Hij was helaas niet erg geinteresseerd in farmacokinetiek als een belangrijke poot van de farmacologie, waardoor onze wegen na verloop van tijd ook weer uit elkaar liepen.

Prof. van Zwieten heeft een buitengewoon belangrijke rol gespeeld in de organisatie van het wereldcongres farmacologie dat in 1990 in Amsterdam is georganiseerd (XIth International Congress of Pharmacology of IUPHAR), waar bijna 5000 deelnemers waren. Het meest succesvolle congres tot dan toe. Van Zwieten was voorzitter van het programmacomité, David de Wied was overall voorzitter, Jan van Ree secretaris en ondergetekende was penningmeester.

Aan het zeer ruime financiële overschot van dat congres (meer dan een miljoen gulden) hebben we de oprichting van de Stichting Farmacologie te danken waar sindsdien uit wordt geput om promovendi aan congressen te laten deelnemen en symposia door worden ondersteund. Het is mede aan het enorme internationale netwerk van Van Zwieten te danken dat er een prachtig programma tot stand kwam met de meest prominente wetenschappers van dat moment.

 

 Prof. Douwe D. Breimer